SLAKKEN (GASTROPODA)
Slakken vormen de grootste en meest bekende klasse van de weekdieren. De kleinste worden niet groter dan 0,5 mm terwijl andere soorten tot meer dan een halve meter groot kunnen worden. Slakken komen niet alleen in zee voor: ook in zoet water en op het land komen we slakken tegen.
Ze kennen een enorme verscheidenheid aan vormen. Zo zijn er soorten zonder een uitwendige schelp zoals de naaktslakken, maar de meeste soorten hebben een gedraaide schelp, het bekende slakkenhuis. Er komen wereldwijd zoŽn 80.000 verschillende soorten voor. Op Schiermonnikoog kun je zo'n 70 soorten slakken langs het strand vinden.
Sommige soorten zijn hermafrodiet (zowel mannelijk als vrouwelijk), andere soorten kennen zowel mannelijke als vrouwelijke dieren en er zijn zelfs soorten, zoals het Muiltje, die als mannetje beginnen, maar in de loop van hun leven langzaam veranderen in een vrouwelijk dier!
Enkele soorten worden gekweekt om als voedsel voor de mens te dienen (Wijngaardslak; Segrijnslak). Weer andere soorten werden vroeger door sommige volken gebruikt als ruilmiddel (geld). Dit gebeurde o.a. met de Geldkaurie in Azie en met Olifantstanden in Amerika. Zelfs in de taal spelen slakken hun rol: "een slakkegang", "op alle slakken zout leggen".
Veel slakken leven van plantaardig voedsel, maar er zijn ook soorten die van aas of zelfs levende dieren leven. De tepelhorens boren een gat in de schelp van weekdieren om daarna het dier er uit te zuigen. De lege schelp, met een mooi rond gaatje, kun je vaak op het strand van Schiermonnikoog vinden.
De tropische kegelslakken hebben een gif-tand waarmee ze wormen en vissen kunnen verschalken. Het gif van sommige kegelslakken is zo sterk dat het een mens dodelijk kan verlammen. Uitkijken dus langs tropische stranden!!

Klik op een fotootje voor een vergroting